streenuilkuikens gilbert smetGedurende de maanden januari, februari en maart hebben we met Kruin in Groot-Kruibeke inventarisatierondes gedaan om het Kerkuilen- en Steenuilenbestand zo veel mogelijk in kaart te brengen.
Met deze inventarisatie krijgen we ook een beter zicht om gericht nestkasten te plaatsen voor onze uiltjes.

De resultaten waren verbluffend:

Kerkuil: Minstens negen roepende mannetjes werden gehoord, maar meestal werden ze ook gezien. Dat geeft pas een adrenalinestoot voor elke natuurliefhebber. Het merendeel zit in Bazel, verspreid over gans het gebied. Onlangs werd nog een tiende Kerkuil gevonden in de Nobeekstraat. Hier werd tijdens de ronde in januari geen Kerkuil gespot.

Steenuil: Voor het Vlaams project Steenuil 2020 werden 13 kilometerhokken geïnventariseerd met een gestandaardiseerde geluidsmethode. Volgend jaar worden de resterende km-hokken van Kruibeke geteld. Het resultaat is verbluffend. Maar liefst 40 roepende steenuilmannetjes werden waargenomen. Bij elke ronde werden er ook verschillende gezien. Tijdens onze Steenuilenwandeling van 6 maart werden er 12 roepend waargenomen, waarvan er 2 keer een koppel werd gezien en 2 individueel. Kruibeke blijft een Uilendorp, dat is duidelijk.

Gilbert Smet

Op 12/05/2016 vond Mark Staut op het terrein van het bedrijf Ineos Zwijndrecht een wel erg triest geval van een draadslachtoffer: een uiterst zeldzaam woudaapje! Het diertje was volledig intact en was tegen een hoogspanningsmast gevlogen met fatale afloop. Mark contacteerde Geert Spanoghe (INBO) die het woudaapje opmat (gewicht, lengte) om het daarna aan de collectie van het KBIN te schenken.

Het woudaapje is een schuwe rietvogel die regelmatig in het Groot Rietveld Kallo wordt gesignaleerd en er ook broedt. Ook in de omliggende natuurgebieden en zelfs op de Defensieve Dijk te Zwijndrecht werd hij onlangs … levend opgemerkt. Hopelijk blijft het bij dat ene draadslachtoffer!

Vooral de dunne aardingskabels bovenaan elke hoogspanningslijn vormen een verraderlijk obstakel voor vogels. Er bestaan gerichte oplossingen om het risico op botsingen aanzienlijk te verkleinen. Zo kunnen de kabels worden voorzien ronde (vaak wit of rood gekleurde) bollen die de zichtbaarheid van de hoogspanningslijn verhogen waardoor het aanvaringsrisico voor vogels significant kan worden ingeperkt. In 2014 startte Elia, de netwerkbeheerder, met aanpassingen aan haar hoogspanningsnetwerk.

Woudaap hoogspanningsslachtoffer

Winterroofvogeltelling 1998-heden

Sinds 1998 haalt Natuurpunt WAL/ Natuurpunt Waasland in januari zijn kijkers uit de kast om onze regio af te speuren op zoek naar overwinterende dagroofvogels. Van 1998 tot 2009 coördineerde Luc Van de Perre dit onderzoek. Daarna nam Gerry Heyrman de fakkel over.

Een overzicht van de tellingen:

Jaar Totaal
1998 197
1999 213
2000 263
2001 196
2002 179
2003 223
2004 218
2005 233
2006 246
2007 227
2008 283
2009 244
2010  
2011  
2012 210
2013 156
2014 169
2015 180



Werkmethode

Dit onderzoek vergt een nauwe samenwerking en concrete afspraken met onze roofvogelspotters, want het werkingsgebied van Natuurpunt Waasland is ruim 542 km² groot.

De laatste jaren baseren we ons niet alleen op veldwaarnemingen maar ook op gegevens die werden ingebracht op www.waarnemingen.be

buizerd jgNaast de traditionele natuurgebieden werden ook alle andere biotopen bekeken: bewoonde zones, landbouwgebieden, polders, industriegebieden. Iedere roofvogel heeft immers zijn favoriet stekje, aangepast aan zijn voedselkeuze, aan de wijze waarop hij graag rust, aan de uitkijkmogelijkheden en aan zijn specifieke manier van jagen.


Om dubbeltellingen zoveel mogelijk uit te sluiten, werkten we voor Buizerd, de meest voorkomende soort, met afbeeldingen van de ondertekening van de kleurfases van deze soort. Deze gaan van bijna geheel donkerbruin tot bijna wit, met alle mogelijke tussencombinaties.

De aantallen roofvogels kunnen van jaar tot jaar sterk schommelen. Soms kan dit veroorzaakt worden door weersomstandigheden. Zo blijven tijdens zachte winters sommige soorten noordelijker dan België. Ook het voedselaanbod is een belangrijke factor. Muizen kennen een op- en neergaand aantalverloop. Weinig of veel muizen, het geprefereerde prooidier van de Torenvalk, bepaalt hoeveel exemplaren van die soort aanwezig zijn.


Hedwigepolder JefVDWiele

 

 

 

 

 

 







Alle natuur- en open gebieden in onze regio zijn van belang voor de overwinterende roofvogels! De Hedwigepolder (Doel) hoort daarbij. Foto: Jef Van De Wiele



Aantal resultaten per soort en korte bespreking

De eerste groep bestaat uit de top drie, die de voorbije negen jaar ongewijzigd bleef. Zij zijn onze algemene broedvogelsoorten die tijdens de winter gezelschap krijgen en/of vervangen worden door de noordelijke en oostelijke soortgenoten. Ongeacht de soms sterk schommelende aantallen jaarlijks de meest voorkomende soorten.

Sperwer RVT 2005

 

 

 

 

 

 



Geflitst tijdens de jacht: Sperwer



Torenvalk RVT 2005

 

 

 

 







Torenvalk, onafgebroken met wind op kop op muizenjacht



Buizerd RVT 2005












Supertop: Buizerd, steeds present op weidepaaltjes



Een tweede groep vertegenwoordigt in kleine aantallen o.a. broedvogels uit Vlaanderen, die in de winter aangevuld/vervangen worden door exemplaren uit de noordelijke regionen. Deze soorten zijn minder talrijk, maar hun aantallen over de jaren heen kunnen stabiel zijn.

Bruine Kiekendief
Wijfjes en juveniele vogels overwinteren meer en meer onze streek, terwijl juvenielen normaal voor minstens 2 jaar naar Afrika trekken. Mannetjes overwinteren eerder Zuid-Europa of verder.

Slechtvalk
Stijgt in aantal ondermeer omdat de populatiegroei in heel België nog in opmars is. Hierdoor komen er steeds meer jongen en dus grotere spreiding of invulling territoria. 


Een derde groep vertegenwoordigt de typische overwinteraars uit noord- en oostelijke verre landen. Deze soorten zijn minder talrijk als overwinteraar. De aantallen kunnen fluctueren, afhankelijk van strenge noordelijke winters in combinatie met voedselaanbod.

Blauwe Kiekendief
Deze soort is ook vastgesteld in de regio Temse en Kruibeke langsheen de Scheldeschorren. Dit kan komen door noodzakelijke verspreiding bij grote aantallen.

Ruigpootbuizerd
Rondzwervende juveniele Scandinavische vogels worden nu en dan in onze regio gezien. De "place(s) to be" zijn de (al dan niet tijdelijke) natuurgebieden in en rond de Waaslandhaven de Verrebroekse Plassen (ruwe natuur zoals in het Noorden), met aansluitend de uitgestrekte polders en boomgaarden.

Smelleken
De kleinste Europese valk overwintert normaal met 1 tot 2 exemplaren in onze regio. Het staat echter vast, dat deze soort meestal van november tot maart in onze regio aanwezig is.



De laatste groep omvat de zeldzamere soorten, die uit barre vriesgebieden afzakken of waarvan jonge vogels dwaalneigingen t.o.v. hun standaardverblijf of overwinteringgebied vertonen.

Rode Wouw
Is broedvogel in Wallonië, doch overwinterende vogels zijn veelal zwervende juvenielen uit noordoostelijke populaties. Deze soort wordt voornamelijk tijdens de lente/herfsttrek waargenomen. De verblijfsbiotoop bij ons is te vergelijken met dat van de Ruigpootbuizerd.

Zeearend
Als (juveniele) exemplaren in Saeftinghe (Nederland) pleisteren, worden ze ook in onze regio waargenomen. Een 'vliegende deur' (bijnaam van de imposante vogel) is een fenomeen (rechte vleugels met een spanwijdte tot 2,40m).

Havik
Rondzwervende exemplaren werden nog nooit tijdens de wintertelling genoteerd. Waarnemingen in onze regio zijn van doortrekkende exemplaren in lente of herfst van en naar hun broedgebieden.


Conclusie: alle natuur- en open gebieden in onze regio zijn van belang voor de overwinterende roofvogels!

De "Schorren en polders van de Beneden Zeeschelde" en "Blokkersdijk" zijn aangeduid als Europese Vogelrichtlijngebieden wegens hun vogelrijkdom. De winterroofvogeltellingen bevestigen telkens het belang van deze biotopen.

 

Waarnemingen in en omheen het Antwerps havengebied

Het Linkerscheldeoevergebied is in Vlaanderen een topregio op ornithologisch vlak!

Om de vogelrijkdom in en rond het Antwerps havengebied beter in beeld te brengen, is begin april door Natuurpunt Antwerpen Noord de website www.vogels-antwerpse-haven.be opgestart. De website kadert binnen de werking van het project "de Antwerpse haven natuurlijker" dat tot stand kwam via een samenwerking tussen het Antwerps Havenbedrijf en Natuurpunt.

Met dit project wil Natuurpunt in nauwe samenwerking met het Antwerps Havenbedrijf de natuurwaarden in en rond de haven beter beschermen en dit zonder de economische waarde van de haven in gevaar te brengen. Op de site is een gebruiksvriendelijke databank te vinden voor het havengebied en omgeving (zowel Linker- als Rechteroever) waarin vogelwaarnemingen kunnen opgezocht en ingevoerd worden.

Natuurpunt-Wal ondersteunt dit initiatief ten volle en wil samen met Natuurpunt Antwerpen Noord van de databank een succesvol promotie- en monitoringsinstrument maken.

SPG Lepelaar GeertSpanoghe 4mei2007 

 

 

 

 

 

 

 

Lepelaar (foto:Geert Spanoghe)

Op de website kan iedereen opzoeken welke vogels er allemaal zijn waargenomen in en omheen het Antwerps havengebied. Actieve vogelkijkers kunnen mits ze geregistreerd zijn op de website ook terecht met hun waarnemingen. Ben je nog niet geregistreerd en zou je ook graag je waarnemingen ingeven op de site, stuur dan een mailtje naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

We sturen je dan zo snel mogelijk een gebruikersnaam en paswoord door. Voor een vlot gebruik van de website kan je hier alvast een korte praktische handleiding vinden.

De databank maakt gebruik van de deelgebieden en gebiedscodes die voordien reeds gehanteerd werden bij het noteren van vogelwaarnemingen binnen het werkingsgebied van Natuurpunt-WAL. Aangezien de databank zich beperkt tot waarnemingen van in en omheen het havengebied, wordt enkel gewerkt met de deelgebieden en gebiedscodes binnen het gebied "Beveren en Zwijndrecht ten noorden van de Expressweg".

Kaartje deelgebieden "Beveren + Zwijndrecht boven Expressweg" (versie 14 april 2008)
Lijst met gebiedscodes "Beveren + Zwijndrecht boven Expressweg"(versie 14 april 2008)

Het havengebied en zijn omgeving heeft een erg dynamisch karakter. In de toekomst zullen in het gebied nog ingrijpende veranderingen plaatsvinden. Het kaartje met de deelgebieden zal op basis van deze veranderingen bijgesteld worden.

Gelieve dan ook af en toe eens te controleren of je met de laatste versie van het kaartje werkt.

Tot slot willen Natuurpunt-WAL aan iedere vogelkijker vragen om de databank zo veel mogelijk te gebruiken en te promoten bij collega-vogelkijkers. Enkel met jullie inbreng kunnen we een succesvolle databank uitwerken die het vogels kijken in onze regio ongetwijfeld zal bevorderen. 

Voor meer info en met vragen omtrent de databank kan je steeds terecht op Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of 03/722 15 37.

Overige waarnemingen binnen het werkingsgebied van Natuurpunt-WAL
De website www.vogels-antwerpse-haven.be beperkt zich tot waarnemingen die afkomstig zijn van in en omheen het havengebied. Met waarnemingen die afkomstig zijn van de overige delen van het werkingsgebied van Natuurpunt-WAL kan je terecht op de portaalsite van Natuurpunt (http://www.vogelwerkgroepvlaanderen.be/). Of je kan je waarnemingen opsturen naar de desbetreffende contactpersoon.

voor Antwerpen-Linkeroever + Zwijndrecht Bayer-Rubber + 3M: Willy Verschueren, Hoevensebaan 203 2950 Kapellen. Waarnemingen kunnen ook gedeponeerd worden in de brievenbus in de observatiehut van Blokkersdijk.

  • voor Kruibeke-Bazel-Rupelmonde: Nand Daniels, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. 
  • voor Temse (Steendorp) naar Gerry Heyrman, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

De drie bovenstaande gebieden werden opgedeeld in verschillende deelgebieden die telkens getypeerd worden met een lettercode. De kaartjes en de bijhorende lijsten met gebiedscodes kan je aanvragen op het kantoor Natuurpunt-WAL,

tel. 03 722 15 37, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Project simultaan trektellingen

Het Project Simultaan Vogeltrek-tellingen wil op 2 data in het najaar overtrekkende vogels in kaart brengen. Op verschillende plaatsen in Vlaanderen staan vogelkijkers dan in de aanslag om het gevederte dat op weg is naar zijn overwinteringplaatsen te "spotten".

Telposten en coördinatoren in het WAL-gebied :

  • Heirbeeksluis te Kruibeke: Gerry Heyrman en Erik Van Bogaert
  • Blokkersdijk, Antwerpen-Linkeroever: Chris Snyers
  • Groot Rietveld, Melsele:Dirk Verstraete

De vogeltrekperiode begint reeds in augustus (Wielewaal) en eindigt laat in november. De topperiode valt voor de meeste vogels (vink, graspieper, aalscholver, rietgors, buizerd) in oktober en duurt soms voor de meeste soorten slechts enkele dagen.

Om van een echte "topdagtrekdag" te kunnen spreken, moeten de volgende factoren aanwezig zijn:

  • oostelijke wind van oost tot zuidzuidoost
  • zonnig weer en een koude ochtend. Zonnig weer geeft thermiek (opstijgende warme lucht) waarvan vooral roofvogels profiteren.
  • "een bus van het Zweedse Falsterbo". Drie tot vier dagen nadat er ter hoogte van het Zweedse plaatsje Falsterbo een zwerm vogels de Botnische Golf is overgestoken, kan je bij ons massa's zangvogels verwachten die op de hielen worden gezeten door evenveel roofvogels.


Najaarstrektelling 2005: een verslag
In het najaar hebben we 48 dagen (206 teluren) op post gestaan, waarvan bijna de helft in oktober. Een teldag varieerde van 2 tot 9 teluren en ook de plaats kon al eens wijzigen (wegens teveel achtergrondlawaai). Het weer was meestal goed (goed zicht, lichte bewolking, goede windrichting). De piek van roofvogels was er op 18/10 (70 rovers).

De dag ervoor zouden er zelfs meer gezien zijn (niet geteld wegens foute trekvoorspelling) maar door de sterke oostenwind waren de rovers die Falsterbo (zuid-Zweden) overgestoken waren hier een dagje eerder dan voorzien (op sommige plaatsen in Nederland hadden ze de voorspelling wel juist).

De piek van zangvogels kwam enkele dagen later met grote aantallen vink, houtduif, spreeuw en veldleeuwerik. Dit najaar beleven we ook een invasie van zwarte mees (112 op 10/10). Dit zijn vogels die vanuit het noorden afzakken door voedselgebrek. Het dagrecord wat aantal getelde vogels betreft is 5082.

Voor de Buizerds halen we 56(18/10), aalscholver: 562(6/11), vink:2272, veldleeuwerik:752, koperwiek:274, spreeuw:2002, boerenzwaluw:161. Zeldzame doortrekkers waren blauwe kiekendief, rode wouw, zwarte specht, visarend, grote zilverreiger en cetti's zanger.

Besluit
Het bestuderen van vogeltrek is en blijft een boeiend fenomeen waarbij altijd iets te beleven valt en waarbij vooral in het najaar iets te zien is. De resultaten die we hier meegeven zijn maar relatief omdat er toch nog veel dieren niet gezien of gehoord worden. Wie hierover meer wil weten kan ook naar de website www.trektellen.nl surfen of indien je het eens wil meemaken dan kan je contact opnemen met bovenstaande contactpersonen.

Tot slot nog even de trektellers van dienst vernoemen: Johan Colman (trektelvoorzitter), Gerry Heyrman (coordinator vogelwerkgroep), Ronan Felix, Henri Felix, Guy Vercauteren, Erik Van Bogaert, Erik Van de Velde en Dirk Braem.